Sekte - een omschrijving

Het woord ‘sekte’ heeft in het courante taalgebruik meestal een pejoratieve bijklank. De parlementaire onderzoekscommissie ‘sekten’, opgericht naar aanleiding van de gebeurtenissen betreffende de ‘Orde van de Zonnetempel’, heeft deze vereenvoudigende visie evenwel niet tot de hare gemaakt. In haar rapport maakt de onderzoekscommissie een onderscheid tussen de sekte stricto sensu, de schadelijke sektarische organisatie, en de vereniging met het oogmerk om misdrijven te plegen (de zogenaamde criminele organisatie). Het woord ‘sekte’ kreeg in het sekterapport opnieuw de neutrale betekenis die het woord in essentie etymologisch ook had. In het rapport wordt aangegeven dat “de sekte stricto sensu op zich respectabel is en verder zonder meer een normale toepassing van de godsdienstvrijheid en de vrijheid van vereniging, zoals die door onze grondrechten gewaarborgd worden, vergt” (Belgische Kamer van Volksvertegenwoordigers (28 april 1997).

"Parlementair onderzoek met het oog op de beleidsvorming ter bestrijding van de onwettige praktijken van de sekten en van de gevaren ervan voor de samenleving en voor het individu, inzonderheid voor de minderjarigen."

Verslag namens de onderzoekscommissie uitgebracht door de Heren Duquesne en Willems (Deel II).

Voor de onderzoekscommissie vormden de ‘sekten’ of ‘nieuwe religieuze bewegingen’ dan ook geen gevaar op zich en konden a priori ook niet als schadelijk bestempeld worden. De beruchte zogenaamde gepubliceerde lijst van 189 sekten mocht dan ook enkel gelezen worden met dat essentiële uitgangspunt voor ogen. De opsomming van de 189 bewegingen hield geen waardeoordeel van de commissie in. Aangezien de lijst ook niet als exhaustief werd beschouwd, hield het feit er niet in opgenomen te zijn evenmin een oordeel in over de onschadelijkheid van een beweging.